Biografie Guus Janssen

Guus Janssen (1951) studeerde piano en compositie aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. 

Als pianist, clavecinist trad hij op in verschillende bezettingen met musici van John Zorn tot Gidon Kremer. Sinds begin jaren tachtig leidt hij zijn eigen ensembles, van (piano) trio tot 11-tet en (opera) orkest. Als solist was hij te horen, primair in eigen composities en als improvisator op diverse internationale festivals. Daarnaast trad hij op met de meeste Nederlandse ensembles en bij diverse orkesten.

Janssen’s composities reiken van pianomuziek en kamermuziek tot symfonisch werk. Zij werden afgezien van hetgeen werd gespeeld door de diverse Janssen-formaties, uitgevoerd door o.m. het Mondriaankwartet, Ensemble Nieuw Amsterdams Peil, het Radio Filharmonisch Orkest, het Concertgebouw Orkest en de Ebony Band met als solisten o.m. Walter van Hauwe, Harry Sparnaay en Gerard Bouwhuis.

Voor zijn werkzaamheden op het gebied van de jazz-en geïmproviseerde muziek ontving hij de Boy Edgar Prijs, 1981. Voor zijn compositorisch werk werd hij bekroond met de prestigieuze Matthijs Vermeulen Prijs, 1984.

Janssen componeerde o.a.Dutch Mambo voor het Koninklijk Concertgebouw-orkest,’Klotz’ voor Gidon Kremer, de componist zelf op hi-hat en het Schönberg Ensemble en 'Ha Hu Baley', liederen op teksten van Hugo Ball voor de zangeres Angelika Kirchschlager met Yuri Bashmet, altviool en Jean Yves Thibaudet piano.

In samenwerking met Friso Haverkamp ontstonden tot nu toe de opera’s ‘Faust’s Licht’ (1988/1993), ‘Noach’ (1994), ‘HIERº’(1997/1999) en 'Blue, a Pinocchio in reverse' (2010). 

In 2015 componeerde hij de opera ‘Koeien operamisha’ voor het ICP Orchestra met een libretto van Cherry Duyns, muziek en tekst beiden gebaseerd op werk van Misha Mengelberg.  De opera ging in premiere tijdens het Holland Festival waarop een enthousiast onthaalde tournee volgde langs schouwburgen in Nederland.

In 2012 ontving Janssen de prestigieuze Johan Wagenaar Prijs voor zijn gehele oeuvre en in 2015 de Kunst Prijs van de Stichting Adriaan Roland Holst.
Het bestuur roemt de flexibiliteit van Janssen als improvisator, zijn gedrevenheid als componist en uitvoerend musicus en zijn nieuwsgierigheid naar nieuwe muziekvormen en combinaties van genres